Lieve Diëgo

Weet je nog bij Bianca thuis?

Dat ik mijn vriendje aan de kant heb gezet om jou te kunnen zien. We waren jong en onbezonnen en dachten niet aan anderen. Alleen wij twee waren in het huis en alleen wij tweeën telden. De spanning was al lang genoeg opgelopen tussen ons twee.

Jij was mijn grote liefde, mijn soulmate mijn alles. Maar je was altijd bezet. Tot nu toe.

Ik kwam je steeds weer tegen en je kwam nooit bij mij terug. Die middag bij Bianca…..tja wat was er gebeurt?

Je had me verleid, net als zo vaaķ en je ging weer weg. Ik voelde me rot en ging weer naar mijn vriendje. Jij naar je vrouw.

Mijn hele jeugd heeft in jouw teken gestaan. En ook toen je al lang uit mijn leven was bleef ik aan je denken. Ik droomde van je. Ik bleef vasthouden aan jou. Ook al had ik andere vriendjes, jij bleef mijn grote liefde.

Stom, je had mij niets gegeven en toch…

Je had mooie woorden, mooie verhaaltjes. Maar ze bleken inhoudsloos. Tot aan mijn 50ste bleef ik vasthouden aan jou. Nog denk ik wel eens aan jou en de gebeurtenissen met jou staan mij helder voor de geest. Maar nu weet ik dat jij mij niet waard was.

Misère opgelost

Ik begin op te knappen uit mijn misère van de laatste dagen. Wat het was weet ik niet maar het was heel vervelend. Mijn hoofd is weer helder en ik ben niet meer zo moe. Dus dat is goed.

Ik ben ook naar de huisarts geweest en zij dacht dat het een verstopt talgkliertje was en daar geloof ik ook in.

Dus al met al opgelucht. Ik voel me weer gezond.

Zorgen

Ik voel me niet goed. Wat er aan de hand is weet ik niet maar ik ben hondsmoe en voel me raar in mijn hoofd alsof ik niet goed wakker ben.

Het is geen corona want ik ben niet verkouden maar wat het wel is weet ik niet.

Gisteravond voelde ik een knobbeltje in mijn oksel. Vandaag heb ik maar even een afspraak bij de huisarts gemaakt. Morgen moet ik daarheen.

Onwillekeurig denk ik weer aan de periode dat ik kanker had: de chemotherapie waar ik weinig last van had, de bestraling waar ik alleen heen ging, wat me zo’n goed gevoel gaf en de anderhalf jarige dip die er achteraan kwam.

Nou kan dít knobbeltje wel een ontstoken klier zijn of zo maar als je kanker gehad hebt, denk je niet in eerste instantie aan een ontstoken klier. We zullen het zien.

Maandag

Vandaag ben ik weer begonnen met wandelen met de honden nadat ik gisteren een dagje overgeslagen had. Benny was gisteren al druk maar ook vandaag was hij weer het mannetje.

Ik liep een route die altijd vrij rustig was maar vandaag dus niet. Fietsers, wandelaars met of zonder hond hadden dezelfde gedachte als mij. Het meeste ging wel goed maar er was een vrouw die ik kende met haar herdershondje en die wilde wel even kletsen terwijl ik met een trekkende Benny aan het verste randje van het pad stond. Ik ging bijna omver dus ik heb haar niet zo vriendelijk gesommeerd om door te lopen. Geen leuke ervaring.

Hij was ook wel erg op zijn mannetjes. Ik denk wel dat als hij de kans krijgt, hij bijt. Op zich nog niet zo’n ramp, kan een keer gebeuren maar hij heeft een onderbeet en dat betekend dat zijn kaken op slot gaan als hij bijt. Dat wil je niet meemaken.

Ik zie jullie al denken: wat moet je dan ook met zo’n asohond maar binnen is het zo’n dotje. We nemen het er maar gewoon bij. Er zijn meer mensen die hun hond niet los kunnen laten.

Maar ja, dat was dus wat minder vandaag. Voor de rest was het wel goed. Een wijntje en een biertje buiten dat was wel fijn. Verder geen woningsdag gevierd. Ik heb ook niemand horen zingen, in ons dorp.

Maar ja..in het gevolg weer elke dag wandelen.

Zondag

Weer zo’n heerlijke dag: de zon scheen, een dagje vrij van wandelen en een wasje gedroogd in de zon op mijn nieuwe droogmolen.

Tegenwoordig word ik zo blij van de zon. Er waren eerder dagen dat ik het niet fijn vond als de zon scheen dus dit is een mooie verandering. Ik had Vanmorgen vroeg energie maar ik wist dat ik het niet redde om en te wandelen en het huishouden te doen, zoals ik me voorgenomen had. Dus ik gaf mezelf vrijaf. De hondjes kunnen wel een dagje zonder wandeling. Ze kunnen hun behoefte in de tuin doen, de deur staat de hele dag open.

Dus ik had de hele dag om te stofzuigen en af te stoffen. Ik voelde me bevrijd van de dwang om vanalles te moeten. Wat een luxe om zelf te kunnen bepalen of je iets doet of niet.

Ik voelde me altijd zo in een dwangbuis en dat is nu weg. Ik doe waar ik zin in heb en ik kan de hele dag doen over een paar kleine klusjes. En dan is het geen straf om even te stofzuigen en een doekje over de vensterbank te halen, de hele dag is van mij.

Vanmorgen heb ik de droogmolen opgehaald die ik kreeg van een vriend hier in het dorp. Op de terugweg sprak ik een buurman van die vriend over de honden. Ik zag hem de laatste tijd met een nieuw hondje en hij mij met Benny. Het was zo’n leuk gesprek met iemand die ik nog nooit eerder gesproken had. Het maakte mijn hele dag goed.

Ik begin de voordelen te zien van het stabiel zijn. Stukje bij beetje ga ik steeds meer vooruit. Ik verzorg mezelf beter, ik heb meer energie en ik heb geen stemmingswisselingen.

Wat wil je nog meer…

Vandaag

Vandaag was een heerlijke dag. De zon scheen en het was al vroeg zo warm dat een vest voldoende was tijdens mijn wandeling. Wolf wilde maar een klein eindje lopen zodat ik alle tijd voor Benny had.

Het was corona – rustig op straat en op de route die ik wilde lopen. Geen andere honden, alleen een paar fietsers en wandelaars. Voor mij ideaal, aangezien Benny niet makkelijk is met andere honden.

Het dorpscafé was dicht door de corona maatregelen maar op de camping zaten twee mensen op hun campingstoeltjes te genieten van de zon. Ze zaten naast een grote camper. Even leek het alsof er helemaal geen corona leed was.

Persoonlijk mis ik bijna niets. Mijn leven veranderd niet zoveel. Ik kan mijn wandelingen doen, ik ga nooit op vakantie en ik heb weinig nodig. Ik woon in een dun bevolkt gebied waar je makkelijker de stilte op kan zoeken.

Maar ik kan me voorstellen dat als je drie hoog achter woont met kleine kinderen, dat het een heel ander verhaal is. Dan kan ik me indenken dat de muren op je afkomen. Of als je alleenstaand bent en je eigen mensen niet kan zien. Ach er zijn zoveel scenario’s mogelijk wanneer het moeilijk is.

Maar ik zou willen dat deze periode mensen duidelijk zou maken, dat je met minder toe kunt. Je hoeft niet vier keer per jaar op vakantie. Ga eens camperen in eigen land. Gebruik de dingen die je nu doet: een avond spelletjes spelen bijvoorbeeld ook na de corona. Lees een goed boek.

Ik zou willen dat mensen er nu achter komen, dat ze niet zo veel auto hoeven te rijden, niet zoveel hoeven te vliegen, shoppen, uit eten te gaan, terrasjes pakken enz. enz. Het kan wat minder en dan doe je jezelf nog niet tekort.

Het is beter voor het milieu, voor je portemonnee en voor je psychische welzijn. Want je kan mij niet wijsmaken dat al die prikkels, die je opzoekt, goed voor een mens zijn.

Mijn dag eindigde op ons terrasje in de tuin met manlief met een wit wijntje en een biertje. Oke ik moest de drankjes zelf halen maar dat moeten we straks in de horeca waarschijnlijk ook.

Update

Er is een lange tijd overheen gegaan voor dat ik zover was om terug te kijken en volgens mij is het nu zover.

Het is nu drie jaar geleden dat ik kanker had, dat ik geopereerd ben en chemo en bestraling heb gehad.

Na de behandeling kwam pas de klap en die duurde lang, heel lang. Ik was schoon maar kon niet genieten van het leven. Ik was depressief en zat in een negatieve spiraal en ik had een doodwens. Voor mij hoefde het allemaal niet meer zo. Ik had fantasieën dat de kanker terugkwam en ik zou komen te overlijden.

Ik kon mijn draai niet vinden. Ik snapte het niet. Hoe kon ik mij zo beroerd voelen.

Er speelden meerdere dingen: het verwerken van het feit dat ik kanker had en heb overleefd. Maar ook het gebrek aan perspectief voor het leven dat nog voor mij lag. Ik zag geen uitweg in de mogelijkheden die ik nog had. Mijn psychische ziekte legde mij zulke beperkingen op dat er weinig leuks meer overbleef.

Ik ben uiteindelijk dingen gaan ondernemen. Een cursus webdesign en een camera om foto’s te maken. Allebei fout. Webdesign is helemaal niks voor mij. Ik heb geheugenproblemen en concentratieproblemen. Mijn hoofd werkt dus niet zo dat ik deze stof kan opnemen. Met fotograferen is het zo dat ik het in het verleden veel deed maar toen trilden mijn handen nog niet zo. Nu is het zo dat ik met moeite een scherpe foto kan maken.

Wat ik wel kon was lopen maar Wolf wilde bijna niet meer. Toen kwam Benny. Ik knapte op van elke dag wandelen en mijn stemmingwisselingen verdwenen naar de achtergrond. Ik had weer een doel: ik moest voor Wolf en Benny zorgen. Mijn zelfvertrouwen groeide en ik kreeg weer vertrouwen in mijn lijf en nu twee maanden later is mijn doodswens opgelost.

Met de komst van Benny, deed ook corona zijn intrede. Gelukkig mocht ik gewoon de honden uitlaten en veranderde mijn leven niet zo heel veel. Alleen mijn vriendinnen zag ik niet. In het begin ging dat nog wel maar nu begin ik ze toch echt wel te missen. Vooral omdat manlief en ik wel heel veel op elkaars lip zitten had ik behoefte aan een goed vrouwen gesprek.

Maar dat geld voor iedereen. Eigenlijk doe ik het beter dan ooit en heb ik weer perspectief. De rust door de corona doet me goed. Vanmiddag heb ik in een park afgesproken met een vriendin met anderhalve meter afstand. Dat was fijn.